Van oorsprong is de kat een solitaire jager. Hij kan zich prima alleen redden op zijn territorium. Hij heeft niemand nodig. Dit wil echter niet zeggen dat een kat niet sociaal kan zijn. Wat maakt dat een kat zich wel of niet kan handhaven in een groep met soortgenoten? En hoe kunnen we deze kennis inzetten in huishoudens met meerdere katten?

 

Socialisatie

Eén van de factoren die maken dat een kat wel of niet contact met een soortgenoot zoekt, is de mate van socialisatie.

Socialisatie is gericht op interactie met andere levende wezens. Een kat die in de eerste periode van zijn leven geen positieve ervaringen met andere katten heeft opgedaan, zal niet of veel moeilijker met soortgenoten kunnen omgaan.

Een niet-gesocialiseerde kat zal er ook niet snel zelf voor kiezen om contact met andere katten te maken. Laat staan zich aan te sluiten bij een groep.

 

Natuurlijk gevormde groepen

Er zijn wel katten die in groepen samen leven. Deze groepen zijn vaak klein en bestaan dan voornamelijk uit vrouwelijke familieleden: moeders, dochters, tantes, oma’s. Ze bedragen meestal niet meer dan twee generaties. De mannelijke dieren die in deze groep geboren worden, zullen op een bepaalde leeftijd de groep verlaten om solitair te worden. Groepen die groter zijn, bestaan uit meerdere families.

Deze groepen katten kunnen alleen bestaan als er voldoende voedselbronnen zijn. Men ziet dit bijvoorbeeld op boerderijen en in vissersplaatsen, in de havens. De katten die hier leven, hebben min of meer de zekerheid van een vaste voedselbron. Wanneer er voedselschaarste ontstaat, valt de groep uiteen en zullen de leden hun eigen voedsel gaan zoeken.

Er lijkt een limiet te zijn aan het aantal soortgenoten dat een kat om zich heen kan verdragen. Wanneer een groep een bepaald aantal leden overschrijdt, ontstaan ruzies en worden sommige leden uit de groep verstoten. Het lijkt er dus op dat deze groepen voornamelijk ontstaan uit de zekerheid dat er op regelmatige basis voedsel is.

Deze kattenkolonies zijn dus verre van stabiel. Je kunt je afvragen of de katten die in deze groepen leven dit doen omdat ze het prettig vinden contact met soortgenoten te hebben…

 

Multi-kat huishoudens

Wat kunnen we hieruit leren als we kijken naar de huishoudens waar meerdere katten met elkaar samenleven?

Dit is in feite een kunstmatige situatie. De katten die wij, mensen, bij elkaar zetten, zouden hier zelf misschien helemaal niet voor gekozen hebben. Als de kat de keuze had kunnen maken, was hij mogelijk gevlucht. En soms gebeurt dit ook. Dan verlaat de kat zijn woonomgeving en gaat zwerven of zoekt een ander huis.

Ook binnen een huishouden lijkt er een grens te zijn aan het aantal huisgenoten dat een kat om zich heen verdraagt: nog één er bij, is er net één te veel. Waar die grens ligt is voor ieder individu verschillend.

Eigenaren willen dat hun katten vrienden zijn, maar dit is in veel gevallen niet realistisch. Hoe hoger de bezettingsgraad in de groep, hoe meer kans op problemen als stress, angst en agressie.

 

Een vriendje erbij

Een groot misverstand is dat elke kat een maatje dient te hebben. Dit verschilt per kat: de een is diep ongelukkig zonder gezelschap van een soortgenoot, de ander duldt geen concurrent in zijn huis.

Mensen zetten, zonder erover na te denken wat het voor hun kat betekent, zomaar een nieuwe huisgenoot op het territorium van de inwonende kat. Dit is enorm ingrijpend! Vaak loopt dit uit op gevechten, met veel angst en agressie tot gevolg.

Het lijkt eigenaren soms ook leuk om voor hun al oudere kat een kitten in huis te halen. Vaak blijkt echter dat deze oudere kat allerminst gecharmeerd is van zo’n pluizige stuiterbal. In feite kun je het vergelijken met je oma van 82 jaar die je opscheept met een kleuter.

 

Geleidelijk introduceren.

Wanneer u er toch over denkt om een soortgenoot voor uw kat in huis te halen, doe dit dan met beleid. Kijk allereerst goed naar welke karakters er bij elkaar passen.

Een goede en geleidelijke introductie is hierbij heel belangrijk! De dieren moeten niet plompverloren bij elkaar worden gezet, maar langzaam en met veel positieve ervaringen. Pas ook uw eigen verwachtingen aan: uw katten vrienden laten worden, is misschien niet haalbaar.

Voorkom te allen tijde harde confrontaties! Iedere keer dat de dieren angst of agressie naar elkaar tonen, raken beiden weer een stukje verder beschadigd.

Wanneer u weet dat uw kat geen soortgenoten duldt, begin er dan niet aan. Accepteer het als uw kat misschien gewoon niet zit te wachten op een nieuwe huisgenoot.

Wilt u meer informatie over een goede introductie tussen katten? Neemt u dan gerust contact met mij op.

©Fieke Halberstadt, 2018

Volg Kat&Mens op Facebook